0
products in your shopping cart
Total:   € 0.00 details
There are no products in your shopping cart!
We hope it's not for long.

Visit the shop

Kristalunie Maastricht

Willem Jacob Rozendaal volgde zijn kunstopleiding aan de Haagse academie en behaalde daar de akte tekenen. In 1920 werd hij glas-in-loodtekenaar voor verschillende ateliers. In deze periode ontpopte Rozendaal zich als vrij kunstenaar. Zijn eerste houtsneden dateren uit het begin van de jaren twintig. Hij sneed en graveerde gelegenheidsgrafiek, (geboortekaarten, nieuwjaarswensen en ex-librissen).

Blijkbaar verliep deze carrière toch niet voorspoedig genoeg, want in 1924 vertrok Rozendaal naar Maastricht om als ontwerper van serviezen en sierdecors bij de aardewerkfabriek De Sphinx in dienst te treden. In 1928 werd Rozendaal door de Kristalunie aangetrokken voor het ontwerpen van gebruiksglas en –kristal. Rozendaal kreeg kort na zijn indiensttreding de algemene leiding over de vormgeving, hij begeleidde het werk van de andere ontwerpers en verdiepte zich tegelijkertijd in bedrijfs- en materiaaltechnische problemen. Van de directie kwam de uitdrukkelijke opdracht kunstzinnige producten te ontwikkelen die op het niveau van de concurrent in Leerdam lagen.

Het productieproces bij de Kristalunie was echter niet geschikt voor het vervaardigen van eigentijdse producten die over het algemeen dunwandig geblazen moesten worden. Hiertoe ontwikkelde Rozendaal een voor Maastricht nieuwe techniek: het zogenoemde zuigblazen waarbij een houten vorm egaal wordt volgeblazen. Voor het rozendaal2transport van de glazen bedacht hij een lopende band. Deze technische vernieuwingen maakten de gevraagde artistieke innovaties mogelijk. Ook voor de reclame van de producten speelde Rozendaal een belangrijke rol. Ook richtte hij tot 1934 de stand in van de Kristalunie op de Jaarbeurs in Utrecht. Naast deze werkzaamheden werd ook van hem verwacht dat hij zich bezig hield met de productie van het traditionele geslepen kristal.

Al snel bleek dat zijn voorliefde voor eenvoudige, onversierde modellen in kristal, halfkristal en glas. Zijn ontwerpen zijn meestal afgeleid van natuurlijke vormen, wat in de benaming van de ontwerpen is terug te vinden. Hij gaf namen uit flora en fauna of historische en exotische plaatsnamen. Het kleurenpalet waar in Maastricht voor werd gekozen, week enigszins af van de kleuren die Leerdam uit die tijd. Naast paars, amber en groen, werden in Maastricht vert-chine (zachtgroen/geel, iets geliger dan het annagroen van Leerdam), fumi (rookkleur met een warme nuance naar paars), clair de lune (zachtblauw) en emerald (zachtgroen), toegepast. De merken van Rozendaal zijn slechts korte tijd van een merk voorzien.

In 1928 ontwierp Rozendaal zijn eerste serviezen. Een goed voorbeeld is Spectrum. Dit servies viel op door zijn vernieuwende vormgeving en slijpdecoratie en was tot 1939 in productie. Rozendaal maakte in 1929 ook een aantal vazen: Hortenzia, Anjelier, Lathyrus, Zinnia, Camelia, Canna en Kalebas. Hij voorzag ze van krachtige vormen waar hij later, in zijn reeks Manuvaria, regelmatig op varieerde en in deze vazen is duidelijk het voorbeeld van Leerdam te zien, ook door de gebruikte techniek. Zo lijken de in een optiekvorm geblazen vazen Tomaat en Ovar (1929) veel op de vazen van A.D. Copier uit dezelfde tijd. De vazen Narcis, Orchidee, Electra en Vreugde uit datzelfde jaar hebben een traditionelere vormgeving.

Toch wilde de directie dat Rozendaal ook zwaar geslepen vazen ontwierp voor de Franse en Engelse markt. De vazen Algol, granaat, Argus, Vega, Kora, Antos, Mantina, Lampion, Sapfo, Pollux, alle uit 1931, zijn in optiekvorm geblazen.De vazen Hiro, Scarabee en Plato uit hetzelfde jaar, zijn zonder optiekvorm gemaakt. De vaas Mira, die in vijf verschillende maten voorkomt, evenals meer ontwerpen van Rozendaal, is moeilijk te onderscheiden van Copiers vazen. Al deze vazen zijn geproduceerd in de kleuren amber, groen, fumi, paars en vert-chine. Rozendaal bedacht in 1931 nog een reeks vazen, die hij aanduidde als eenvoudige vazen, enkele daarvan kwamen pas in 1935 in productie. Naast het assortiment dat als kunstenaarscollectie werd gepresenteerd, ontwierp Rozendaal het gewone glas dat in speciale catalogi vermeld werd. Daarnaast maakte hij in opdracht van grootwinkelbedrijven vazen en sigarenbekers.

In 1932-33 ontstond een serie zeer grote optiekvazen, zoals Antares, Eikel, Largo, Kolos, Sirius, en de kleinere vazen Tulp, Alcyon, Loki en Odin. Enkele van deze modellen bleven tot in de jaren ’50 in productie. Van 1928 tot 1933 gaf de Kristalunie de door Rozendaal fraai vormgegeven catalogi uit. Toen hij in 1933 naar Den Haag rozendaalverhuisde, bleef hij nog twee dagen per week voor de Kristalunie werken. Aangezien Rozendaal zijn industriële werk niet zozeer als kunst beschouwde, is het denkbaar dat hij niet zoveel moeite had met de Maastrichtse opvatting over hoe zijn werk te decoreren. Hij was zich bewust van het commerciële gehalte van zijn taak. Dankzij deze praktische houding kon hij zich goed voegen naar de eisen van de directie. De laatste belangrijke serie die Rozendaal ontwierp voor de speciale collectie vazen van de Kristalunie, is Quadravera. De serie werd uitgevoerd in de nieuwe kleur uit 1936, duochroom: zacht olijfgroen met blauwzwarte weerschijn. De basis van de ontwerpen is een vierkant met draaiende verticale vlakken. Reeds eerder tekende Rozendaal op 2 januari 1935, een aantal geometrisch gevormde vazen, waaronder Kwart en Octaaf. Beide vazen werden op de Wereldtentoonstelling van 1937 te Parijs bekroond.

Bron: Antiekwijzer, Kristalunie Maastricht.

Annette van der Kley – Blekxtoon

about the author

No comments

The comments are closed.